» augustus, september 2010
SV Aurora ...
Inhoudsopgave
Introductie
Trimloopdetails
Routebeschrijving
Uitslagen
Besttijden
Sponsors
Organisatie
Deelnemers
Websites
Foto's

Deelnemers  


Jaarlijks ontvangen wij vele enthousiaste en vaak trouwe deelnemers, lees hier hoe zij onze trimloop ervaren.


Inge de Bruin en Sebastiaan Verwaal, Werkhoven 2004
De twee jongste Werkhovense deelnemers aan de 80 kilometer van Werkhoven: "Wij doen mee voor de mooie beker en de prijzen".

Jong? Jazeker! Maar wat wil je als je allebei een vader hebt die jarenlang de 10 kilometer liep of nog loopt? Wat wil je als je ook nog een moeder hebt die jarenlang voorzitter was van 'De 80 kilometer van Werkhoven'? Dan loop je toch gewoon mee als je net vier bent! Inge de Bruin en Sebastiaan Verwaal zijn kinderen van enthousiaste 'De 80 kilometer van Werkhoven' ouders. Ze waren vorig jaar tevens de twee jongste Werkhovense deelnemers. Vorig jaar in 2003 waren ze allebei 5 jaar en liepen voor de tweede keer mee op de twee kilometer. En ze weten precies wat ze wel en niet leuk vinden aan hardlopen...

Inge: We zijn nu al zes hoor, niet meer vijf.
Sebastiaan: Ja, we waren vijf, toen we de laatste keer meeliepen. Maar nu zijn we alweer zes.
Inge: Ik zit op de Delteykschool in groep 3 bij juf Jetty en juf Marja.
Sebastiaan: ..en ik zit op De Werkhof bij juf Gea, en juf Steini en juf Henriëtte en juf Sanne... Veel he?
Inge: Waarom heb jij zoveel juffen?
Sebastiaan: Dat weet ik eigenlijk ook helemaal niet.
Inge: Mijn vader loopt ook altijd mee bij 'De 80 kilometer van Werkhoven'. Dan loopt hij 10 km. Hij kan heel hard. Om te oefenen loopt hij iedere dinsdag een rondje Beverweerd.
Mijn moeder doet daar niet aan mee, die werkt en kookt en doet de kleren.
Sebastiaan: Mijn vader heeft altijd meegelopen, maar nu heeft hij een zere rug. Daarom loopt hij niet meer. Maar mijn vader kon echt heel hard. Misschien nog wel harder dan jouw vader.
Inge: Ik weet niet of mijn vader zo hard kan.
Sebastiaan: Ik vind 'De 80 kilometer van Werkhoven' erg leuk, omdat je hele mooie prijzen kan winnen. Ik vind de beker en de prijzen leuk om te laten zien op school. Ik heb de laatste keer een hardloopshirt gewonnen. Hij is me alleen veel te groot. De beker die we hebben gekregen staat op mijn nachtkastje. Bij ons thuis vinden we dat altijd leuk.
Inge: Het is ook heel gezond om mee te doen . Dan heb je frisse lucht. Ik vind de beker en de verloting heel leuk. Dan krijg je een kaartje met een nummer en misschien roepen ze dan het nummer van jou…en dan heb je altijd hele mooie prijzen. Ik had vorige keer niets ..alleen een vliegenmepper uit de graaibak, maar de beker staat wel op mijn slaapkamer.
Sebastiaan: Ik vind het wel erg ver! Toen ik nog 4 jaar was, ben ik onderweg gestopt omdat ik heel moe was. Maar nu ben ik nog nooit gestopt. Maar het is wel vermoeiend.
Inge: Dat vind ik ook hoor. Mijn vader zegt dat ik zacht moet lopen en niet te hard. Want op het laatst moet je pas sprinten. Ik stop niet echt, als ik het niet meer volhoud, blijf ik staan en dribbel een beetje. Je moet ook niet eten van te voren, anders krijg je pijn in je zij.
Sebastiaan: Ik heb een zus van elf jaar, ze heet Sandy. En een broer van 9 jaar en die heet Stefan. Zij lopen ook mee op de twee kilometer, maar ze weten de weg al, dus ze mogen alleen. Papa loopt naast mij, omdat ik de weg nog niet weet.
Inge: Mijn vader loopt ook met mij mee. Hij loopt zich dan in en dan kan hij later de 10 km doen. Mijn broers Tom en Bas lopen ook de 2 kilometer. Die zijn daar zo'n beetje aan het oefenen voor de 5 km. Misschien gaan ze dat wel volgende keer doen. Ik loop altijd met Bearnice, omdat het gezellig is en omdat haar ouders niet meelopen. Mijn papa loopt naast mij, niet hand in hand hoor, maar als ik moe ben trekt hij me wel mee.
Sebastiaan: Dat is wel slim want dan ga je vooruit en sta je niet stil. Als ik moe word trekt mijn vader me gewoon mee.
Inge: Als ik moe ben roept mijn vader: 'Dóórlopen!'.
Sebastiaan: Haha... niet zeuren maar doorlopen.
Inge: Het allerlaatste stukje moet ik alleen van mijn vader.
Sebastiaan: Dat is bij mij ook. En dat vind ik het allerleukste: dat laatste stukje. Dan kan ik lekker sprinten dan ga ik heel hard.
Inge: Ik vind het laatste stuk ook leuk omdat alle mensen dan roepen en klappen.
Sebastiaan: Weet je wat ik ook leuk vind? dat mijn oude hulpjuf Sabrina altijd bij het speeltuintje staat en dan gaat ze roepen naar mij: "Hup, hup'.
Inge: Ik loop altijd langs mijn eigen huis en mijn oma en opa's huis. Dan zitten ze op een krukje buiten te kijken en dan roepen ze ; "Hup Inge". Nu is mijn oma dood, maar ik denk dat mijn opa ook wel weer buiten gaat zitten met allemaal familie en buren erbij.
Sebastiaan: Ik woon heel ver weg.
Inge: Als ik ga hardlopen wil ik kleren dragen, die heel lekker zitten. Ik heb altijd een geel kort broekje aan en een glad T-shirt. Eerst vond ik het een heel stom broekje, maar het zit heel lekker en ik heb ook sportschoenen aan.
Sebastiaan: Nou, ik draag gewoon iedere keer wat anders: wel een korte broek natuurlijk. En ook mijn hardloopschoenen.
Inge: En ik eet altijd een banaan voordat ik ga lopen.
Sebastiaan: Ik eet niks, maar ga alleen even televisie kijken.
Inge: Ik weet nog wel dat het een keertje niet zo leuk was. Toen huilde ik heel erg bij de finish, omdat ik zo moe was.
Sebastiaan: Maar je hoeft toch niet te huilen, omdat je moe bent?
Inge: Wel waar! Of misschien was ik ook wel gestruikeld, ik weet het niet meer zo goed.
Sebastiaan: Dat heb ik wel een keer met voetballen gehad. Toen struikelde ik over de bal en toen viel ik keihard op mijn knie en op mijn elleboog. Maar ik heb nog nooit zoiets met hardlopen gehad. Gelukkig!
Inge: Ja, gelukkig!
Sebastiaan: Weet je wat leuk is? Als mijn hulpjuf Sabrina verkleed aan de kant van de weg staat. Ze is echt altijd verkleed hoor met groen haar of zo en dat ziet er zo geinig uit.
Inge: Ik zou heel graag een keer eerste willen worden ..
Sebastiaan: Ja, ik ook! Dan moet ik heel snel kunnen sprinten..
Inge: En veel oefenen
Sebastiaan: Dan doe ik het niet, want dan ben je al moe voordat je gaat lopen.
Inge: Ja, maar je moet wel oefenen, anders win je niet.
Sebastiaan: Zeker iedere dag ...
Inge: Ja, net als mijn vader. Elke dinsdag een rondje Beverweerd.
Sebastiaan: Daar word ik heel moe van.
Inge: Ik ga dat pas doen als ik later groot ben, want nu moet ik al iedere dag naar school.
Sebastiaan: Ik ook. Wil jij later sportman worden?
Inge: Sportvrouw zul je bedoelen! Nee, Ik wil ober, politieagent, of juffrouw worden. Ik weet het nog niet precies.
Sebastiaan: Ik wil tuinman worden. Maar de prijsuitreiking lijkt me wel leuk, als je sportman bent.
Inge: Volgende keer ga ik weer meelopen. Alleen wil ik wel wat tegen de kinderen zeggen: Ze moeten niet duwen, als we bij de start wegrennen.
Sebastiaan: Ja, en ze moeten ook niet huilen als ze moe worden onderweg: gewoon doorlopen! En ze moeten gewoon allemaal weer meedoen.!!
Inge: Dat is gezellig!
Sebastiaan: Nu is het klaar want ik weet niets meer te vertellen.
Inge: Ik wil nog even vertellen hoe mijn vader en moeder en opa en oma heten zal ik het zeggen? Karin, Kees, Wim en Sina.



© 2010 - Internetdiensten.NET - J. de Klein